
























De hele groenbranche heeft de wind in de rug. Wat op zichzelf goed nieuws is, het is tenslotte wel eens anders geweest in de groensector. De oorzaak voor deze jarenlange ‘storm’ is terug te brengen tot drie hoofdpunten:
1. De tuin zit al jaren in de lift. Omdat de consument gemiddeld genomen over meer middelen beschikt wordt deze buitenkamer bovendien luxer ingericht. De tuin is niet meer exclusief voorbehouden aan de elite maar voor een grotere groep mensen. Meer tuinen dus die ook nog met meer aandacht worden ingericht.
2. De veranderingen in het klimaat en de berichten die ons bijna dagelijks bereiken doen daar nog een schepje bovenop. Hoe groener de tuin hoe beter. Dat laten acties als ‘Steenbreek’ en ‘Tegel eruit plant erin' ons graag weten. Zelfs een ‘tegeltax’ blijft in onze buurlanden niet langer onbesproken. Groener moet het, is het devies!
3. Ons private domein en de waarde van een gezonde leefomgeving waar tuinen deel van uit maken, hebben we tijdens de lockdowns als heel belangrijk ervaren. Groen, schone lucht, biodiversiteit, wateropvang, het zijn belangrijke aspecten die samenhangen met een gezonde leefomgeving. Dat de tuin daar een belangrijke bijdrage aan levert is inmiddels een geaccepteerde opvatting. Er is een toenemend bewustzijn dat het anders moet.
Dat de hierboven genoemde ontwikkelingen als structureel gezien worden, is ook bij het UWV niet aan de aandacht ontsnapt. Deze instantie merkt het beroep van hovenier al jaren aan als schaarste beroep.

De wind staat dus gunstig. Sterker, als het nu niet lukt om werk te krijgen in het groen dan gaat het je nooit meer lukken. Dat is het antwoord dat we doorgaans geven aan onze student ontwerpers die gretig vragen naar de kansen opwerk in de groensector. Nu zijn ontwerpers en hoveniers weliswaar met hetzelfde onderwerp bezig, maar de rollen en de expertise zijn wezenlijk anders. Het een sluit het ander tegelijkertijd niet uit, want er zijn ontwerpende hoveniers en hovenierende ontwerpers. In de traditionele opleidingen van heel vroeger werd een hovenier opgeleid tot een alleskunner. Elk aspect van de hele tuinaanleg deed deze vakman zelf, variërend van ontwerp tot uitvoering. Daar ligt waarschijnlijk ook de hardnekkige opvatting dat hoveniers en ontwerpers elkaar nog te veel zien als elkaars concurrent en niet als aanvullende experts!
De vraag is of ‘het alles zelf doen’ nog steeds een effectief model is. Specialisatie en de daarmee samenhangende marktprofilering is noodzakelijk om herkenbaar te zijn in de markt en om je te onderscheiden. Daar komt het voordeel bij dat specialisatie betekent dat je in een bepaald aspect van het vak echtgoed bent - onderscheidend dus! Op dat onderdeel maak je het verschil en zijn consumenten beter in staat duidelijker voor jou te kiezen. Dat geldt ook voor ontwerpers. Ontwerpers die vanuit hun kracht werken, weten waar ze staan en vooral waar ze naar toe willen, zijn herkenbaarder. De consument identificeert zich er wel of niet mee en maakt een betere afweging voor een bepaalde dienst.

In de bouwwereld doen ze het al jarenlang. De architect ontwerpt het gebouw, de aannemer voert het uit. Taken en rollen worden vastgelegd in een werkomschrijving of bestek. Een tuin is niet hetzelfde als een woning, maar toch, de parallellen zijn overduidelijk.
Door de toenemende werkdruk bij hoveniers borrelt de vraag op: Blijf je alles zelf doen of ga je voor samenwerking? Uitbesteden van ontwerpwerk zorgt voor betere plannen die integraal rekening houden met alle denkbare aspecten. Ontwerpers zijn getraind in het verbinden van vaak tegenstrijdige belangen en het vinden van creatieve oplossingen. Het voordeel van uitbesteden is dat de hovenier zich kan focussen op datgene waar hij of zij het beste in is: de aanleg van de tuin. Uitbesteden van onderdelen van het werkproces leidt tot een beter product, meer professionaliteit, meer productiviteit en minder werkdruk. Samenwerken met een netwerk van professionals spreidt bovendien het bedrijfsrisico voor de hovenier.
Samenvattend kun je stellen dat het tuinontwerp en de uitvoering niet los van elkaar te zien zijn. Het belang van groen wordt steeds groter en meer technisch van aard. Het werk van tuinontwerpers kan niet worden losgekoppeld van de hoveniers die het ontwerp uitvoeren. Het ‘tuinproduct’ wordt sterker door elkaars specialisme structureel te benutten.
In veel gevallen werken deze twee beroepsgroepen al broederlijk naast en met elkaar. En zo hoort het ook.
De dames werkten onder de naam JAS Producties aan het ontwerp voor hun Trechterboom.
"Wat hadden wij leuke ‘unlock’ momenten met elkaar in deze lockdown-wedstrijd. Met de wekelijkse online video-calls groeide de Trechterboom.”
In deze blog vragen we hen naar de totstandkoming van het prijswinnende ontwerp.

“Toen de fysieke lessen door de lockdown stopten, maakten we alle drie actief gebruik van de online begeleiding en het OpenAtelier voor o.a. extra opdrachten en het bespreken van huiswerk. We waren echt trouwe bezoekers en leerden elkaar daardoor ook beter kennen. Na de toelichting op de wedstrijd zochten we elkaar op en merkten al snel hoe leuk het was – en ís – om er met elkaar over te brainstormen. Onze achtergronden zijn heel verschillend – meesterbinder, fysiotherapeut en kunstenaar in glas in lood – en mede daardoor vullen we elkaar goed aan. Hoewel we nog geen concreet idee hadden zeiden we tegen elkaar: we gaan gewoon beginnen. We houden elkaar scherp, weten samen meer dan alleen en kunnen met elkaar misschien tot iets moois komen.”

“Het ontwikkelen van een vernieuwend en duurzaam product. Dat was het uitgangspunt van de wedstrijd en zagen we als een extra mogelijkheid om een totaal ander gebied te onderzoeken. We zijn alle drie met de opleiding gestart vanuit liefde voor tuinieren en affiniteit voor groen. Het ontwikkelen van een duurzaam product is weer iets heel anders.”
“Wat wordt ons thema? Dat was de beginvraag. Waar willen en kunnen we iets mee als het gaat om een bijdrage aan een gezondere leefomgeving? Als basis wilden we iets doen met hergebruik van hemelwater en de reductie van hittestress. Tijdens brainstormsessies, het volgen van het stappenplan – het analyseren van de problemen die ontstaan door de klimaatveranderingen, het formuleren van onze visie – en een verdeling in onderzoeksvragen, kwamen we uiteindelijk op de trechtervorm. Dat idee hebben we gedurende een aantal weken verder onderzocht en uitgewerkt.”
“Vooral het out of the box proberen te denken. Hoe dat tijdens de lessen van de studenten wordt gevraagd? Het is vooral de creatieve manier van lesgeven.” Lachend: “Je krijgt niets op een presenteerblaadje. Veel opdrachten gaan over ‘anders kijken’, andere oplossingen zoeken en al tekenend en schetsend mogelijkheden onderzoeken. Iedereen kan een tuin tekenen, zegt onze docent altijd, maar ontwerpen is echt iets anders.”
“Hoe we de Trechterboom nog meer multifunctioneel konden maken. Het was een van de onderdelen van het stappenplan: hoe kun je je ontwerp op meerdere manieren toepassen. Daar hebben we ook weer flink wat brainstormuren aan besteed, geprobeerd breder te denken en te kijken naar materialen en vormen. En we gingen op onderzoek uit: hoe zien de pleinen er in de binnenstad uit? Hoe worden gebruiksvoorwerpen in de openbare ruimte gebruikt, wat zou er nog meer mee kunnen, wat missen we?”

“Ja, dat lijkt ons geweldig. Tijdens het hele proces hebben we nu al zo veel kennis opgedaan. En deze eerste prijs is natuurlijk een opsteker voor een volgende stap en de Trechterboom wellicht ook echt te realiseren. Hoe we dat gaan doen, moeten we nog even bekijken maar we willen er met de OntwerpAcademie graag verder over brainstormen.”
“We zijn inmiddels in de laatste fase van de opleiding Tuinarchitectuur en twee van ons zijn daarnaast gestart met Plantenkennis Compleet. Het bezig zijn met groen en ontwerpen smaakt sowieso naar meer en kennis van planten is uiteraard een belangrijk onderdeel van het vak. Ondertussen kijken we naar mogelijkheden om wellicht projecten met elkaar te blijven doen. De naam JAS Producties staat en na alles wat we het afgelopen jaar hebben geleerd, hebben we daar met trots ‘Duurzame groenoplossingen 2.0’ aan toegevoegd. Wíj zien de Trechterboom al in het straatbeeld staan!”

Het geeft precies onze eigen ambitie weer: want hoe meer tuinarchitecten en tuinontwerpers met oog voor duurzaamheid en biodiversiteit betrokken worden bij het creëren van prettige leefomgevingen voor mens en dier, hoe beter.
In deze nieuwsbrief nemen we je mee naar een nieuw seizoen met aanbod voor elk wat wils.

"‘Trechters’ van JAS Producties is een multifunctioneel element dat vooral betekenis zal hebben in extreem versteende ruimtes waar geen plek is voor de aanplant van bomen. Wateropvang, vergroenen, zitten, spelen en energie opwekken zijn functies die gecombineerd kunnen worden met dit idee. Met een milieuvriendelijke productie, recycling van materiaal en het ontwikkelen van meerdere modellen op basis van een module neemt de toepasbaarheid van dit systeem alleen maar toe.”
Als extra uitdaging en oefening voor onze studenten tijdens de lockdown, organiseerden we dit voorjaar een ontwerpwedstrijd met actuele vraagstukken rondom klimaatveranderingen. Uit alle inzendingen koos de wedstrijdjury voor het ontwerp van JAS Producties als meest innovatieve inzending. Judith Smelt, Annelies Zaal en Sylvia van Wirdum werkten onder de naam JAS Producties met veel plezier aan het ontwerp en zijn – terecht – trots:
"Wat hadden wij leuke ‘unlock’ momenten met elkaar in deze lockdown-wedstrijd. Met de wekelijkse online video-calls groeide De Trechter! En geloof ons, nu deze als winnaar uit de bus is gekomen, groeit hij bij ons nog verder. Wij zien hem al in het straatbeeld staan, dus op naar het volgende proces!"
Onderdeel van de prijs zou een presentatie zijn van het ontwerp op tuinfestival Gardenista. Nu dit festival niet door gaat, presenteren we de dames van JAS Producties en hun ontwerp, komende week op onze website.

Naast het doorlopen van alle stappen die nodig zijn voor het maken van een goeddoordacht tuinontwerp, is de kracht van onze StageProjecten de vaak bijzondere matches tussen opdrachtgever en student. Steeds meer particulieren en organisaties weten ons te vinden en gaan met ons in zee. Zij zien de meerwaarde van het werken met studenten, het samen optrekken, de student de tijd en ruimte bieden om tot creatieve oplossingen te komen. Zo ontwierp student Ziggy Beckers een vlindertuin voor een internationale school in Brunssum, rekening houdend met een aantal specifieke wensen.
“De symmetrie van de twee velden bracht mij op het idee om een spiegelend ontwerp te maken. Wat leent zich hier beter voor dan de vlinder? De gekozen vorm is in contrast met de strakke vorm van het schoolgebouw en de omgeving. De fladderende vlinder is bovendien een mooie metafoor voor de kinderen die hier vaak maar een paar jaar verblijven en dan weer doorvlinderen naar een nieuwe bestemming.”

Insecten hebben een belangrijke plek in ons ecosysteem. Insecten – en met name bijen en vlinders – zijn van invloed op het welzijn van planten en dieren als vogels, vleermuizen en amfibieën, hun voedsel én onze eigen voedselvoorziening. Tachtig procent van alle planten op aarde zijn voor de voortplanting afhankelijk van de bestuiving van de bij. Landschapsecoloog Wankja Fergusonlaat tijdens de cursus Biodivers Ontwerpen zien en onderzoeken hoe je een tuin of openbare ruimte creëert waar wilde bijen en vlinders graag komen. Welke keuzes kun je maken, welke planten kun je opnemen in je beplantingsplan? Een biodiverse tuin helpt bovendien bij het voorkomen van hittestress en wateroverlast. Gastdocent Jaap Mekel is gespecialiseerd in ecologisch maaibeheer. Op donderdag 9 september a.s. start Wankja met een nieuwe cursus Biodivers Ontwerpen. Er zijn nog twee plaatsen beschikbaar!

Sinds deze zomer kunnen onze (oud-)studenten hun opleiding afsluiten met een examen bij de OntwerpAcademie. Als kersverse voorzitter van de examencommissie stellen we tuin- en landschapsarchitect Jan Janse graag aan je voor. We spraken hem over zijn achtergrond, zijn bestuursfunctie bij de NVTL, zijn fascinatie voor het vak en uiteraard over zijn functie in de examencommissie. Binnenkort het complete interview in de rubriek Tips& Nieuws.
“Ik hou van verassende ontwerpen waarin je prettig kunt verblijven en waar je elke dag weer de schoonheid van de natuur ervaart”

Kantoor- en leslocatie van de OntwerpAcademie zijn je ongetwijfeld bekend. Maar ken je Boskoop zelf al? Tip: huur een fiets bij de VVV en maak een rondje langs de vele tuinen, kwekerijen en restaurantjes aan het Rijneveld. Check de openingstijden van te voren of kies voor de laatste zaterdag van de maand, dan zijn de kwekers allemaal aanwezig.
donderdag 9 september > Biodivers Ontwerpen
vrijdag 10 september > Plantenkennis Basis
dinsdag 14 september > dagopleiding TuinArchitectuur
zaterdag 18 september > Plantenkennis Compleet
dinsdag 28 september > Ontwerp je eigen Tuin Classic
dinsdag 12 oktober > Ontwerp je eigen Tuin XXL
maandag 1 november > Start je eigen Bedrijf
dinsdag 2 november > basiscursus SketchUp
donderdag 18 november > avondopleiding TuinArchitectuur
In de agenda lees je meer over de maandelijkse Podium Boskoop-lezingen, studievoorlichtingsmiddagen en proeflessen.
Onze nieuwsbrief voortaan rechtstreeks in je inbox? Hier kun je je aanmelden.

Onze tuin ligt in een wijk aan de rand van Hilversum, dichtbij bos en heide. Allerlei bosplanten vestigen zich spontaan en de tuin wordt veelvuldig bezocht door eekhoorns, spechten en boomklevers. Het is inmiddels bijna 30 jaar geleden dat wij (mijn man en ik) hier kwamen wonen. Ons kleine huis met tuin uit 1950 werd in 1992 al omzoomd door hoge, oude straatbomen en heel veel bomen van aangrenzende percelen, zoals eiken, berken, dennen, sparren - deels overblijfselen van voormalig bos op arme zandgrond.
De tuin bestond destijds voornamelijk uit gras met wat heesters, o.a. hoge en brede Rhododendrons. Verder was er aan de voorkant een kleine overkapping, aan de zijkant een houten tuinhuisje en achter, grenzend aan het huis, een terras van jaren zestig flagstones in een (hele…!) dikke laag cement. Aan de voorkant bevindt zich het grootste tuindeel, langs de zijkant een smallere strook en aan de achterkant de kleine hoek met flagstones. Met uitzondering van het gras is dit allemaal nog steeds aanwezig.

De groeiomstandigheden bleken een behoorlijke uitdaging: arme zandgrond, droge schaduw en heel veel wortelconcurrentie. Het uitgebreide wortelnetwerk van alle grote omringende bomen en van grote heesters, vormde een dichte, moeilijk doordringbare mat onder nagenoeg de hele tuin. Hoog op ons verlanglijstje stond privacy en een natuurvriendelijke tuin, verder volop ruimte om te leven, ook voor onze honden. Dus beslist geen ‘nette’ tuin. De nadruk lag vanaf het begin op de beplanting. Grijze materialen waren ondergeschikt, eenvoudig en functioneel met zoveel mogelijk hergebruikte materialen. Het loskoppelen van regenpijpen en toevoegen van compost waren een eerste stap en steeds meer planten werden toegevoegd. Met wisselend succes.

Van al het uitproberen heb ik heel veel geleerd, vooral van wat niet lukte. Steeds meer baseerde ik mijn plantkeuzes op de groeiomstandigheden en steeds minder op impulsieve, enthousiaste aankopen. Toch word ik nog steeds verrast door het aanpassingsvermogen van planten. In minder gunstige omstandigheden blijven soorten soms kleiner en bloeien minder of later, maar ze kunnen zich wel handhaven en sierwaarde geven.

Het gefilterde zonlicht schuift gedurende de dag geleidelijk door de tuin en in de maanden met kortere dagen is er vrijwel alleen schaduw. Er staan inmiddels zowel bladverliezende als groenblijvende, inheemse als uitheemse, kruidachtige als houtige planten. De tuin is geleidelijk verdeeld in verschillende ruimtes met doorkijkjes en diverse plekjes om te zitten en te mijmeren. Allerlei waterschalen, variërend van drinkschalen tot minivijvers, worden druk bezocht door de vele vogels. Door de combinatie van waterschalen, beplanting en al het toegevoegde organische materiaal, zijn er allerlei microklimaten ontstaan. Ook het bodemleven is veel rijker geworden.

Gaandeweg is het voortdurend bemoste gras vervangen door houtsnipperpaden en momenteel, voor meer lichtweerkaatsing, bestaat het meanderende hoofdpad uit grind, met kleine houtsnipperpaadjes in de borders. De voortuin is nu voornamelijk een bostuin, de zij-tuin is geïnspireerd op een Victoriaanse ‘stumpery’ en achter is verdeeld in een kleine bloemenhoek en patiotuintje.
De wanden direct onder bomen en heesters bleken te donker voor klimplanten en bestaan nu uit heidematten; het zijn perfecte ‘voorraadkasten’ vol nestmateriaal en insecten voor vogels. Waar meer licht en minder wortelconcurrentie is, vormen allerlei groenblijvende en bladverliezende klimplanten een afscheiding en wandbekleding. Klimplanten spelen in de hele tuin een belangrijke rol en bestaan uit vele soorten Clematis, diverse soorten Wisteria, Lonicera en Hedera en verder Pileostegia viburnoides, Akebia quinata en rankende fruitsoorten.

In de besloten voortuin zijn veel hoge heesters inmiddels opgekroond en de onderbeplanting wordt jaarlijks voorzien van een humuslaag. Varens en bosplanten vormen een belangrijk deel van de kruidachtige beplanting. Esdoornsoorten, bosbes en andere zuurminnende heestertjes uit de heidefamilie voelen zich hier prima thuis. Op een lichter deel in de voortuin heb ik dit jaar Leptinella squalida geplant, een grasvervanger met varenachtig blad, als geleidelijk dichtgroeiend groentapijt en gevoel van ‘open plek in het bos’.

De stumpery in de zijtuin op de foto hierboven, is een Victoriaanse oplossing voor beplanting onder hoge bomen waar extreem veel wortelconcurrentie is. Oude boomstammen en boomdelen (stump betekent stronk) doen dienst als natuurlijke containers en zorgen voor de nodige gelaagdheid en diversiteit aan beplanting. Het zijn ook natuurlijke insectenhotels en stimuleren ondergrondse schimmelvorming en verdere verrijking van het bodemleven.

Achter een schuine pergola met verschillende Clematissoorten en een Rubus phoenicolasius (Japanse wijnbes) ligt een klein stukje tuin dat vol staat met een estafette aan bloeiende planten, de ‘bloemenhoek’. Een mix van klimplanten, heesters, vaste planten en bollen. Er staat altijd wel iets in bloei en het zoemt er van de insecten. Het is een soort planten-anarchie, een groen-explosie, omdat de gangbare plantafstanden, heel bewust, volledig zijn genegeerd. In dit experiment volg ik het recht van de sterkste en stuur ik vervolgens steeds een beetje bij. Het is ook een favoriete nestplek voor allerlei vogels en de stapstenen in het grind (een restant tegels van de vorige bewoners) zorgen dat broedende vogels niet verstoord worden door het geluid van voetstappen.

Tegenwoordig wordt het deel met de zestiger jaren flagstones door wanden omsloten tot een kleine patio. De warmte wordt hierdoor vastgehouden en het is erg beschut. Vorstgevoelige en warmte minnende planten hebben hier een plekje. Er is een zon- en schaduwkant; aan de zonkant staan voornamelijk kuipplanten, kruiden en fruit, o.a. een citroenboompje en een mini-nectarine. Aan de schaduwkant staan veel verschillende bladplanten zoals Fatsia japonica (Vingerplant), Adiantum soorten (Venushaar), Nandina domestica (Hemelboom), Soleirolia soleirolii (Slaapkamergeluk) en diverse klim- en leiplanten zoals Rubus idaeus (framboos),Clematis, Lonicera en Hedera. En de nodige moeras-, minivijver- en waterschalen.

De gevarieerde omgeving rond Hilversum is, bewust en onbewust, een voortdurende bron van inspiratie. Verstilde bospaden, open heidevelden, de slingerende Vecht met de vele landgoederen in Engelse landschapsstijl, de intieme sfeer van de oude esdorpen Laren en Blaricum, waarbuiten de drukke delen de tijd lijkt te hebben stil gestaan. En natuurlijk ook de lager gelegen veengebieden rond de Loosdrechtse Plassen, met kwelbronnen en uitgestrekte waterpartijen. Een tuin is voor mij dan ook een persoonlijke plek waar fantasie vrijelijk de ruimte mag hebben en waarin niet alleen wij ons goed voelen, maar waar vooral ook planten en dieren zich goed voelen. Dat is voor mij een waar paradijs.
