
























En wie graag in de keuken staat én de natuur in gaat, vindt er een kookboek tussen plus zakboek voor het plukken van eetbare wilde planten. Elk boek op haar manier een ‘Must-have’, Vaak alleen al vanwege de prachtige paginagrote foto's die uitnodigen om er gewoon lekker doorheen te bladeren, inclusief een paar dikke pillen voor heerlijk lang leesplezier, voor tijdens de zomer en nog lang daarna.

“Een lekker leesbaar en tegelijkertijd leerzaam zomerboek voor op vakantie is Het Bijenbalkon. En, momenteel voor mijn tentje in de Ardennen lees ik: Twaalf tuinen van Martine Bakker. Weinig tekst, veel foto’s en interessante verhalen achter tuinontwerpen. Ook al is het boek uit 2014, het blijft goed om te lezen!”

“Mijn boekentip is 'Groenblauwe Netwerken’ van Hiltrud Potz. Het boek keek ik in bij de OntwerpAcademie en besloot het ook zelf aan te schaffen. Het is een flinke pil, maar heel inspirerend voor mij, met veel tips voor klimaatadaptieve maatregelen. Het maakt de enorme ontwerpopgaves en uitdagingen duidelijk die we in Nederland hebben op grote schaal. Maar biedt ook mogelijke oplossingen die op kleine schaal praktisch zijn toe te passen in bijvoorbeeld tuinen. De beelden van de oplossingen - met het vele groen en blauw in de stad - stemmen me optimistisch voor de toekomst en daar krijg ik veel energie van.”

“Van een student kreeg ik ooit de tip voor het boek ‘Zeichnen in de Gartengestlatung’. Een boek boordevol tekentechnieken en kleurtips voor het maken van tuinontwerpen en 3D tekeningen. De schrijver Daniel Nies heeft ook allemaal filmpjes op Youtube. Heel waardevol als je je eigen tekentechnieken wil ontwikkelen.”

“Mijn boekentip is ‘Ecologisch tuinieren’ van Velt (Vereniging voor ecologisch leven, koken en tuinieren). Het is een flinke pil: 700 pagina’s. Dus je kunt er de hele zomer mee doen 😉. Het gaat heel diep in op onderwerpen zoals het bodemleven, de bodemstructuur en de bodemvruchtbaarheid. Ook ongewenste kruidgroei, ziekten en plagen worden behandeld. Daarna worden bijna alle mogelijke gewassen voor de moestuin besproken zodat je oogst een succes wordt. Al met al een zeer compleet boek voor de ecologische tuinier."

“Onlangs was ik met plantenkenner Cor van Gelderen en Plantenkennisdocent Marlien van der Linden op een geweldige tuinreis in Normandië. Daar heb ik het volgende boek gescoord: ‘Toutes les plantes belles en hiver’. Het is wel in het Frans maar de foto’s zeggen genoeg en planten namen zijn gelukkig overal hetzelfde.”

“Er zijn ontelbaar veel boeken die ik interessant vindt! Een paar die ik hier graag meegeef zijn is het praktische boek ‘Planten Combineren’, om zelf borders mee te ontwerpen. Dit is een goed boek omdat je er echt mee aan de slag kan en op ideeën wordt gebracht. Extra leuk omdat een van de auteurs, Modeste Herwig, bij de OntwerpAcademie de workshop ‘Ontwerp je eigen Tuin’ verzorgt’. En 'Er stond een vrouw in de tuin, over de rol van vrouwen in het Nederlandse landschap’ vind ik een mooi boek over beroemde tuinvrouwen in Nederland.”

Oprichter, inspirator en ontwerpdocent Dolf Houtman geeft je boekentips en ‘studiemateriaal’ voor de zomer met het accent op de relatie tussen kunst en landschap. Met de nuchtere poëzie van Veenenbos en Bosch worden 26 ontwerpen uitgelicht, waarin de conceptuele benadering duidelijk naar voren komt. Ben je meer filosofisch ingesteld, lees dan ‘Natuur in mensenland, essays over ons cultuurlandschap’ van Martin Drenthen. Ben je meer geïnteresseerd in kunst in relatie tot het landschap? Probeer dan Gids voor Land Art in Nederland, met leuke uitjes voor wie in Nederland op vakantie gaat/ op pad wil. En tot slot het boek ‘The future city’ om een idee te krijgen van wat er ons allemaal te wachten staat in het kader van steden en klimaat.

“Er stonden al een paar wildplukboeken in de kast, maar deze mocht niet ontbreken: een prachtig vormgegeven zakboek die bij het kookboek ‘Van Boven in het Wild’ hoort. Het kookboek is wat te zwaar en te groot om mee te nemen tijdens wandelingen. Daar staan de recepten in om met gevonden eetbare planten iets te kunnen maken. Met het zakboekje ‘van Boven in het Wild’ neemt Yvette van Boven ‘ons aan de hand’ mee in het leren herkennen van wilde, eetbare planten. En laat er nu heel veel eetbaars te vinden zijn. In het bos, op de Hoge Veluwe of zelfs in een stadspark. Wel goed uitzoeken en zeker weten wat je plukt, maar dat staat allemaal uitgelegd in het zakboekje. Thuis kan je er vervolgens iets lekkers van ‘brouwen’ met een recept uit het kookboek van Yvette van Boven. Smakelijke vakantie!”
Oproep aan onze volgers: Heb jij nog ultieme boeken over planten en tuinen gerelateerd aan klimaat, ecologie, biodiversiteit, kunst of andere thema's? Deel ze met ons en andere groenliefhebbers door ons te taggen op Facebook of Instagram.

In deze blog vind je tips met bijzondere tuinen-, parken-, musea- en natuurtips, in Nederland én bij onze buurlanden. Dus lieve volgers, gun jezelf een korte of langere break, trek er op uit, kijk, ontdek en verwonder. Alleen, met een vak- of studiegenoot, gezin of vriend(in). We wensen je een fijne zomer!

“Trompenburg Arboretum is een van mijn favoriete groene hang-outs in Rotterdam,” tipt Alenka Milward, communicatie- en evenementenmedewerker.
“Hier vind je rust, ruimte en groen in de stad. Het is een verkoelende oase waar je heerlijk kunt wandelen. Bij de bomen en planten staan naambordjes en onderweg kom je fijne zitplekjes tegen om een boek te lezen of gewoon te genieten van de omgeving. Een van mijn nieuwe ontdekkingen is het historisch landgoed van het verwoeste kasteel Etzenrade in Limburg. Ontstaan uit een samenwerking van het Rotterdamse ontwerpbureau Lola Landscape en Piet Oudolf. Je kunt het landgoed bezoeken als onderdeel van een wandelroute.”

“Ik hou niet alleen van groen, maar ben ook gecharmeerd van mooi, oud beton tussen het groen. Onderstaande kunstwerken vallen voor mij in de categorie: ik zou willen dat ik ze zelf had bedacht ;-). Wat me er niet van weerhoudt om er telkens weer van te genieten."
Tip 1: Waterloopbos bij Marknesse (natuurmonumenten, Voorsterbos) is een voormalig terrein voor waterloopkundig onderzoek. Het was een proefterrein van het Waterloopkundig Laboratorium De Voorst, een nevenvestiging van het Waterloopkundig Laboratorium in Delft. Tijdens de boswandeling vind je restanten en ruïnes van bouwsels van voornamelijk grootschalige proefopstellingen van waterkeringen en dammen. Sommigen zijn weer mooi opgeschilderd in groen of rood. Het klapstuk staat bij binnenkomst bij de uitspanning van Natuurmonumenten: de voormalige deltagoot die door een kunstenaarsduo is bewerkt tot een prachtig land-art beeld.
Tip 2: Een andere bijzondere plek is de doorgezaagde bunker bij de Diefdijk Bunker en Groepsschuilplaats 599 bij afslag Everdingen, gemeente Culemborg. Je kunt 'm langs de snelweg A2 al zien liggen, maar het is de moeite waard om er echt doorheen te wandelen.

Tipt twee foto exposities (fijne binnenactiviteit op warme dagen): Antropoceen van Edward Burtinsky in Helmond en Typisch Nederland van Jan Dirk van der Burg in FOMU Rotterdam (ook na de zomerperiode nog te bezoeken t/m 30 oktober) als afsluiting van zijn ambtsperiode als 'Fotograaf des Vaderlands', beluister hier de podcast over deze bijzondere tentoonstelling.
Van Ploni Sikkes, docent Tuinarchitectuur:
“Maak tekeningen in plaats van foto's. Je gaat dan heel anders kijken naar de plek waar je bent, je gunt jezelf zo de tijd om de omgeving in je op te nemen. En, zo kun je meteen je tekentechnieken ontwikkelen.”
“Ik ben helemaal enthousiast over Park De lage Oorsprong bij Oosterbeek. De villa aan de Rijn is in de Tweede Wereldoorlog vernietigd. Maar de plattegrond van de villa kun je er nog zien en de tuin is hersteld en op een mooie manier aangevuld. Zeker een bezoek waard! Mijn museumtip: Direct over de grens bij Neuss in Duitsland ligt Museuminsel Hombroich, een combinatie van kunstmuseum en natuurpark. Heel erg mooi!”

“Ben je deze zomer in de Loirestreek in Frankrijk? Sla dan het festival Jardin in Chaumont-sur-Loire niet over. Het tuinenfestival ligt naast het kasteel van Chaumont wat hoog boven de rivier de Loire ligt. Dit jaar is het thema ‘De Ideale Tuin’. De uitdaging voor de tuinontwerpers luidde als volgt: “In een tijd waarin onze relatie met de natuur en planten - als gevolg van intensieve verstedelijking, opwarming van de aarde, toegenomen verlangen naar natuur en voedsel - aanzienlijk is geëvolueerd, is het tijd om na te denken wat onze ideale tuin is. Een kunstwerk? Een voedzame moestuin? Een therapeutische ruimte? Een plaats van biologische teelt? Kan de ideale tuin niet al onze verwachtingen en al onze eisen samenbrengen: filosofisch, esthetisch, ecologisch, smaakvol? Om tegelijkertijd mooi, goed, organisch, herstellend, troostend, innovatief, zuinig in water en energie te zijn, maar vooral om harmonie en smaak te verhogen, welzijn en geluk te genereren? Het samenbrengen van al deze eigenschappen, is dat mogelijk of illusoir? Realistisch of tegenstrijdig?”
Mirjam: “Bij het tuinenfestival zie je bij uitstek hoe je een idee kunt uitwerken tot een tuin en alles in dienst staat van het idee. Naast 25 tijdelijke tuinen als onderdeel van het tuinenfestival is er ook een tuin/park in de Engelse landschapsstijl en een park met landschapskunstwerken en meerjarige tuinen. En let dan bij je bezoek aan het park hoe fantastisch er ontworpen is, met gemengde borders van vaste - en éénjarige planten.”
.jpeg)
Marlien van der Linden, plantenliefhebber en –expert en docent Plantenkennis
Tipt een aantal tuinen in Nederland en in onze buurlanden België en Groot Brittannië. “Door heel Nederland kun je verschillende open tuin routes vinden en soms zetten particuliere tuinen hun poort open in het weekend, leerzaam en erg gezellig om met de tuinbezitters te praten: www.groei.nl, www.tuinenstichting.nl, www.bezoekmijntuin.nl. Neem ook eens een kijkje bij open tuinen bij onze zuiderburen: www.open-tuinen.be waar je ook ook prachtige Arboreta en Botanische tuinen hebt: Botanische tuin Meise en Arboretum Wespelaar nabij Brussel, Arboretum Kalmthout net over de grens bij Roosendaal en Arboretum Bokrijk bij Hasselt.
Op het Britse eiland zijn heel veel prachtige tuinen te bezoeken maar als je er één zou moeten kiezen dan is Wisley Gardens, ten zuiden van Londen. Dit is hét paradepaardje van de Royal Horticultural Society, de grootste organisatie in de UK ten aanzien van tuinen en tuinieren. Je kunt er makkelijk een hele dag vertoeven. Alle moderne snufjes en ontwikkelingen, ook ten aanzien van het milieu worden verwerkt in de tuin.

Jurgina Feith, oud-student Tuinarchitectuur
Kaatst een tip terug naar de OntwerpAcademie:
“Tuinen De Verwondering, vlakbij Oosterhout in Noord-Brabant, behoren voor mij tot de mooiste Nederlandse tuinen die ik ken. Misschien een goed idee om vanuit de OntwerpAcademie een excursie te organiseren? De tuinen zijn namelijk alleen te bezoeken op afspraak en voor groepen.”
“Schaf een museumkaart aan en ga deze zomer op bezoek bij Nederlandse musea. Een aantal musea heeft een interessante tuin of zijn alleen maar tuin. Tips: Museum de Pont in Tilburg, de Botanische Tuinen in Utrecht, Botanische Tuin De Kruidhof in Buitenpost, het Openluchtmuseum in Arnhem, Museum de Buitenplaats Eelde, Museum Voorlinden in Wassenaar en het Kröller-Müller Museum op de Hoge Veluwe.”

“Een paar keer per week ren of wandel ik. Door bos, duin of op het strand. Te vaak hetzelfde rondje; ik kan het bijna lopen met mijn ogen dicht. Laatst realiseerde ik me dat ik vaker een andere route zou willen lopen. Om beter te kijken en dus meer te zien. En, ik ging het andersom proberen. Alleen al door een route andersom te lopen, zie je zoveel nieuwe dingen. En het leuke is dat je dan dezelfde boom in verschillende jaargetijden anders ervaart.
In de winter zie ik de grove stoere bast van de Pinus sylvestris. Als ik omhoog kijk, dan zie ik eindelijk de geurige bloesem en sierlijke zaden van de Tilla cordata (Winterlinde) hangen, verstopt onder het blad. Maar ook verschillende heesters met bijzonder blad en opvallende bessen in het najaar ontsnappen niet meer aan mijn aandacht. Verrassend vind ik hoe opvallend de witte helmknoppen zijn van Plantago lanceolata (Smalle weegbree). En wat denk je van deze Land Art compositie, die ik op een dag ontdekte in het bos? Dus mijn tip is, ren, fiets of wandel je dagelijkse route eens achterstevoren en ik weet zeker dat je nieuwe verrassende dingen ziet!”

Alenka sluit de zinderende reeks af met nog een daktuin-tip, een must-see voor tuin- en plantenliefhebbers: de jungle-achtige daktuin op het Inspyrium in Cuijk in de omgeving van Nijmegen. Ontworpen door VIC Landscapes en de beplanting en bomen zijn uitgezocht door Boomkwekerij Ebben. Zij wonnen afgelopen juni de Rooftop Award uitgereikt door Rooftop Revolution. Het dak wordt geprezen om de mooie vormgeving, afwisselende beplanting, sfeer, gebruikersfunctie, innovatieve elementen en de aandacht voor natuur en biodiversiteit, o.a. met eetbare planten. Bekijk het project en lees meer over de award en twee andere inspirerende daktuinen die een gedeelde tweede plaats behaalden.
Tot slot een oproep aan jou! Sta jij na het lezen van deze zinderende zomertips te popelen om jouw ultieme zomertip te delen met ons? Tag ons @ontwerpacademie in jouw story of bericht op Facebook of Instagram waar wij het kunnen delen met onze community groenliefhebbers en -professionals.

“De tuin wordt ten volle benut. Voorheen waren hier twee saaie grasvelden, nu genieten leerlingen en docenten dagelijks van dit mooie stukje natuur, zowel tijdens de lessen als in de pauzes.”
Als tweede stageproject tijdens haar opleiding Tuinarchitectuur ontwierp Ziggy Beckers vorig jaar een educatieve beleef- en ontspanningstuin voor een internationale school in Brunssum. Donderdag 28 april jl. werd Ziggy’s Vlindertuin officieel geopend. Een kroon op haar werk! In onderstaand interview nemen we je mee in de totstandkoming van haar ontwerp.

“Ik werkte jarenlang in de ICT maar was al een tijdje op zoek naar een andere invulling en zingeving in mijn leven. Nadat in 2019 mijn baan kwam te vervallen heb ik dit eigenlijk als een kans gezien en ben me gaan ontwikkelen in de richting van permacultuur en tuinarchitectuur. Ik voel me erg betrokken bij de natuur en wil zo een positieve bijdrage leveren aan het verbeteren van de biodiversiteit en leefbaarheid van dier en mens. Daarbij vind ik ontwerpen erg leuk om te doen, ik kan er mijn creativiteit in kwijt.
Vanaf het begin van de opleiding Tuinarchitectuur was het mijn doel hier professioneel mee verder te gaan. De stageprojecten bij de OntwerpAcademie zijn dan een heel nuttige mogelijkheid om praktijkervaring op te doen. Mijn eerste stageproject was een kleine stadstuin in Maastricht. Alle betrokken partijen waren heel tevreden over de uitvoering. Ik was inmiddels al klaar met de opleiding toen ik werd benaderd door stagebegeleider Peter Kroesen met de vraag of ik nog een stageproject wilde doen. Hij had een mooie aanvraag voor een school in Brunssum. Nou, hier hoefde ik niet lang over na te denken, een geweldige kans natuurlijk!"
De directeur van de school was hiervoor hoofd van een school in Indonesië. Daar heeft ze ook een tuin laten aanleggen. Ze wilde graag elementen van die tuin terugzien in de tuin in Brunssum. Met onder andere zitbanken, een droge beekloop en stapstenen. En het mocht geen speeltuin worden, meer een tuin om te ontspannen, een tuin waar leerlingen en docenten in de pauze kunnen verblijven. Het oorspronkelijke idee was een ontwerp te maken voor één veld. Op Google Maps had ik al gezien dat er twee velden liggen voor het gebouw die ook nog eens identiek zijn aan elkaar. Bij de eerste kennismaking heb ik gevraagd of ik een ontwerp kon maken voor beide velden. Ik dacht: ‘Daar kan ik wel wat mee.’

Stagebegeleider Peter Kroesen heeft een fijne neus voor het matchen van opdrachtgever en student: “Welke student kán dit? is altijd de eerste vraag die ik mijzelf stel. Ziggy vind ik een sterke ontwerper, gedreven en ambitieus. Hoewel ik eerst twijfelde over haar concept, vond ik het wél kloppen bij deze doelgroep: kinderen van 3 tot en met 18 jaar. Dat heeft ze goed gezien."
"Zoals ik heb geleerd tijdens de lessen ben ik na de analysefase op zoek gegaan naar een concept. Kinderen van werknemers van de militaire basis als doelgroep, samen met de symmetrie van de twee velden, brachten mij op het idee voor een vlindertuin. Een vlinder fladdert van de een naar de ander zonder zich werkelijk te verbinden. Een mooie metafoor voor de kinderen hier op school. Zij blijven hier waarschijnlijk maar een paar jaar en vlinderen vervolgens verder naar hun nieuwe bestemming. Daarbij heeft de vlinder een speelse vorm die kinderen aanspreekt. Toen ik het concept eenmaal had uitgewerkt ging het ontwerpen eigenlijk vanzelf – dat is echt de kracht van werken vanuit een concept. De vorm van de vlinder heb ik rechtstreeks laten terugkomen in het tuinontwerp, een mooi contrast met de strakke vorm van het schoolgebouw en de omgeving. Naast de speelsheid wil ik er zachtheid en rust mee uitdrukken. Vanwege het formaat van de tuin heb ik het aangepakt alsof het een parkje is. Het pad nodigt uit om rond te lopen, maar je kunt ook op verschillende plekken gaan zitten.

Roger Wetzels, facility manager bij Afnorth International School: “Het is verrassend te zien hoe een saaie tuin kan transformeren in een mooi stukje natuur met aandacht voor planten en insecten.”
Omdat dit mijn tweede stageopdracht was, heb ik best zelfstandig gewerkt en Peter niet zo vaak om advies hoeven vragen. Wel vond ik het maken van een isometrie voor dit ontwerp lastig omdat er bijna geen rechte lijnen zijn. Het werd daardoor snel te rommelig. Peter heeft me hierbij super geholpen door het ontwerp voor me in SketchUp te zetten. Vanuit de juiste hoek uitgeprint kon ik deze nu als basis gebruiken.
Het meest leerzaam tijdens het gehele proces? Kijk, papier is geduldig. Het is gemakkelijk iets te tekenen. Maar het vertalen naar de praktijk is dan soms erg lastig. Ik heb bijvoorbeeld een verhoogde border met zitrand getekend. Deze uitwerken in een technische tekening die een eventuele uitvoerder ook nog begrijpt, is een hele uitdaging. Daarom vind ik het ook erg waardevol om direct contact te hebben met de partij die de tuin gaat aanleggen. Zij hebben praktijkervaring en weten vaak wat werkt en wat niet. Van die samenwerking heb ik heel veel geleerd.

Allereerst is een goed contact met de opdrachtgever heel fijn en belangrijk. Ik ben heel blij dat er een goede klik was. De tuin heeft uiteindelijk meer gekost dan in eerste instantie begroot. Het oorspronkelijke budget was niet realistisch, daar heb ik ook meteen voor gewaarschuwd. Maar ze waren zo enthousiast over het ontwerp dat ze er extra budget voor hebben vrij gemaakt.

Roger Wetzels: “Onze wens was een educatieve belevings- en ontspanningstuin. Al deze onderdelen komen in het ontwerp goed naar voren. Ook hebben we bordjes geplaatst bij alle planten zodat leerlingen de planten bij naam leren en kunnen gebruiken tijdens projecten.”
Mijn tip voor studenten Tuinarchitectuur: maak absoluut gebruik van de stagemogelijkheid. De opleiding zelf is al erg praktijkgericht – je bent continu aan het ontwerpen en tekenen – maar het blijven natuurlijk theoretische opdrachten. In een concrete praktijkopdracht voor een echte opdrachtgever, word je met je neus op de feiten gedrukt en uitgedaagd om met creatieve en werkbare oplossingen te komen. Je ervaart hoe het is om professioneel tuinontwerper te zijn.
Zelf ben ik inmiddels mijn eigen ontwerpbureau gestart en heb ik al een paar mooie projecten mogen uitvoeren.” Lachend: “Neem gerust eens een kijkje op www.leafandbee.nl.”
Studenten van de OntwerpAcademie hebben uiteenlopende ambities en de OntwerpAcademie ziet meerwaarde om die verhalen op te halen, te delen met onze gemeenschap om daarvan te leren en te inspireren. Plantenkennisdocent Marlien van der Linden tipte ons het verhaal van twee gedreven pioniers: Jessica van Bossum en Dagobert Bergmans. Hun ambitie voor het ontwikkelen van een eigen voedselbos sluit aan bij de trend dat de ideale tuin eetbaar is (Bron: nieuwsbrief Tuin & Landschap). Er is afgelopen jaren al veel geschreven over dit fenomeen, zo verscheen er op 26 juni 2020 een artikel van Volkskrant-journalist Mac van Dinther die een jaar meeliep in voedselbos Ketelbroek. Zijn belangrijkste bevinding: het voedselbos is een zegen voor de natuur. Een mooie aanleiding voor een interview met Jessica en Dagobert, hen te vragen naar hun drive, inspiratie en hoe je dat eigenlijk doet, (samen) een voedselbos beginnen.
Jessica van Bossum: “Dagobert en ik kennen elkaar al 16 jaar en sinds 2019 lopen we rond met plannen voor het ontwikkelen van een voedselbos. In november 2020 zijn we gestart met de cursus Plantenkennis Compleet (sinds 2022 is dit de opleiding Beplantingsadviseur) bij de OntwerpAcademie. Ondertussen doorkruisten we Nederland om te kijken naar geschikte locaties. Op maandag 2 mei 2022 ondertekenden we het contract voor de 25 hectare land die we – samen met anderen – gaan omvormen tot Voedselbos Glanerbeek.”
Komende zomer zaaien de Amsterdammers Jessica, Dagobert, zijn partner Maud en hun beider gezinnen, de eerste zaadjes op het voormalige melkveebedrijf in Glane, een Twents grensdorp.

Een voedselbos is een robuust ecosysteem, door mensen ontworpen naar het voorbeeld van een natuurlijk bos, met als doel het produceren van voedsel. Een voedselbos heeft meerdere lagen: hoge bomen, lage bomen en heesters, struiken, kruiden, klimplanten, bollen en knollen en paddenstoelen. Zo is het oppervlak dat zonlicht opvangt zo groot mogelijk, en wordt dus veel meer zonlicht omgezet in plant: eten voor ons en voor andere organismen. Er wordt in het bos niet geploegd of gespit. Daardoor kan een rijk bodemleven ontstaan. In combinatie met veel verschillende planten en bomen leidt dat tot een weerbaar systeem met hoge biodiversiteit; waar ook veel dieren een plek in vinden.
Dagobert: “Jessica en ik kennen elkaar van het kinderdagverblijf van onze dochters en ontdekten elkaars interesse in het voedselsysteem, de manier waarop landbouw functioneert en onze zorgen over klimaatverandering. De reguliere landbouw is nog steeds vooral gericht op monocultuur, waar op hetzelfde stukgrond steeds hetzelfde gewas wordt verbouwd. In een monocultuur verspreiden ziekten en plagen zich heel snel. Bovendien vernietigen zware machines de bodemstructuur. Dat besef, dat we binnen de reguliere landbouw de bodem dus elk jaar terugzetten op nul, is mijn drive om me te verdiepen in meer duurzame landbouw. Een voedselbos is een van de mogelijkheden om de negatieve spiraal te doorbreken en landbouw te bedrijven met de natuur mee.” Lachend: “En ik ben opgegroeid in de bossen, dat speelde absoluut mee om de stad te willen verruilen voor een groenere omgeving.” Jessica vult aan: “In je eentje is het lastig, maar door samen met anderen een voedselbos te ontwikkelen zijn we met elkaar in staat een tastbare bijdrage te leveren aan een gezonder en meer biodivers voedselsysteem.”

Jessica: “Tijdens een voedselboscursus ontstond bij mij het idee om een kwekerij te beginnen. Ik ben gaan zoeken naar kwekers die me daar meer over konden vertellen en waar ik kennis zou kunnen opdoen. Dagobert was daar ook in geïnteresseerd. Op Juuls Landje, een kleinschalig voedselbos met kwekerij in Boskoop, kwamen we tijdens Tuinpad Rijneveld in contact met plantenkenner Cor van Gelderen. Hij hield een lezing over eetbare planten en bleek mede-eigenaar van Plantentuin en kwekerij Esveld. Zijn enthousiasme en kennis trokken ons gelijk aan en we vroegen hem spontaan of we stage mochten lopen bij Esveld. Twee weken later zijn we aan de slag gegaan, een jaar lang elke dinsdag. Een heel mooie en nuttige ervaring. Je weet tenslotte pas of je iets leuk vindt als je het daadwerkelijk een tijdje gaat doen. Bij regen en bij zonneschijn. We hebben veel geleerd over wat er allemaal komt kijken bij een kwekerij, en iedereen daar was erg gul met het delen van hun kennis.”

Na zijn studie Bouwkunde werkt Dagobert 12 jaar als architect. Samen met zijn partner bouwt hij vanaf 2009 aan de Buitenwerkplaats, een vergader- en culturele productielocatie in een Noord-Hollandse stolpboerderij. Deze locatie verkopen ze in 2020 om zich beiden geheel te kunnen richten op hun groene ambities. Dagobert schoolt zich momenteel om in de voedselbosbouw en liep, samen met Jessica, stage op kwekerij Esveld in Boskoop.

Jessica: “Wouter van Eck is - zoals voor waarschijnlijk iedereen in voedselbosland - een grote inspiratiebron. Hij heeft voedselbossen in Nederland op de kaart gezet. Daarnaast is ook Martin Crawford in Engeland een geweldige bron van inspiratie, een man met extreem veel kennis. Zijn boeken zijn onmisbaar, zoals Praktisch Handboek Voedselbossen die naar het Nederlands is vertaald. Verder Sjef van Dongen, die pionierswerk verricht om de brugtussen reguliere landbouw en agroforestry te overbruggen. De boeken Zaaien met toekomst en Herstellende landbouw hebben mij echt de ogen geopend op allerlei gebied. Ook mijn permacultuur-juf, Maranke Spoor, heeft me geholpen anders te kijken, af en toe een compleet ander perspectief te kiezen.” Dagobert: “Een echte aanrader is de documentaire Groen Goud van VPRO’s Tegenlicht. Het laat zien hoe het mogelijk is om de aarde opnieuw te vergroenen. Met als boodschap dat dit niet alleen ecologisch iets oplevert, maar ook economische voordelen met zich meebrengt. Het is een optimistische en hoopvolle documentaire. Heel inspirerend vind ik. Van alle voedselbossen in Nederland die we hebben bezocht, maakten Voedselbos Ketelbroek en Voedselbos Vlaardingen op mij de grootste indruk.”
Na een studie Industrieel Ontwerpen werkt Jessica 15 jaar over de hele wereld in de ontwikkelingssamenwerking. In 2015 zegt ze haar baan op en start in Wageningen met de studie Milieuwetenschappen. Daar verdiept ze zich in de relatie tussen voedselproductie en klimaatverandering. Daarna onderzoekt ze stedelijke voedselsystemen. Nu wil ze zelf de handen uit de mouwen steken om de wereld een beetje mooier en beter achter te laten. In het voedselbos komen al deze dingen samen.
Jessica: “In de eerste weken bij Esveld speurden we uren naar planten om bestellingen bij elkaar te rapen. Het was voor ons een abracadabra van wetenschappelijke namen. Uit wanhoop heb ik ze daar gevraagd waar we onze plantenkennis konden bijspijkeren. We werden meteen naar de OntwerpAcademie verwezen. Daar kregen we les van Ingrid van der Ven en Marlien van der Linden. Wat ons met name aansprak tijdens de lessen? De enorme kennis van beide docenten. En hoewel de nadruk bij hen vooral ligt op het siergebruik van planten, ben ik juist daarom zelf ook breder gaan kijken en ben ik bepaalde planten meer gaan waarderen.”

Jessica: “De lessen vormen een hele goede basis voor het beter thuisraken in de plantenwereld: naamgeving, Latijnse begrippen, waar je allemaal aan moet denken bij de standplaats. En we hebben geleerd veel planten te herkennen. Nu we op ons eigen land aan het ontdekken zijn wat er al staat, komt dat goed van pas. Tijdens de lessen heb ik zelf heel veel opgezocht om de eventuele eetbaarheid en toepassingen van al die sierplanten te ontdekken. Hierdoor kwamen er voor mij een heleboel onvermoede pareltjes aan het licht waar ik zelf nooit op gekomen zou zijn. Persoonlijk vond ik vooral het buitenlesdeel erg nuttig: daar waar we op verschillende locaties de planten concreet konden bekijken, voelen, ruiken en (soms stiekem) proeven. ”Dagobert: “Precies, bij alle planten die aan de orde kwamen, vroegen wij ons steeds af op de plant nuttig zou kunnen zijn voor het voedselbos. Zelf was ik vooral in mijn element wanneer de biologie en samenhang met de ecologie ter sprake kwam. Dan ben ik helemaal op scherp!”

Dagobert: “We zijn nu bezig met het verhuizen van onze ‘Amsterdamse kwekerij’ naar onze achtertuin hier in Glane. De eerste proeven met gezaaide bomen gaan we nu in de volle grond zetten.” Jessica vult aan: “Maar eerst ook een hele berg papierwerk. Als kersverse agrariërs is dat nog een hele kluif. Dan storten we ons op het ontwerp. Daar krijgen we hulp bij van onder andere Stichting Voedselbosbouw. In het najaar gaan we sowieso hagen inplanten. En we kunnen nu al aan de slag met de voorbereiding van de kwekerijbedden en met de omheining tegen hazen en reeën.”

Jessica: “Er is zo veel mogelijk! Mijn tip zou zijn om planten uit te zoeken waarvan je de oogst niet in de winkel kunt vinden. Dus om in plaats van de perenboom en de frambozenstruik, ook eens te kijken naar de moerbei, de persimoen, Japanse wijnbes of kornoeljekers. Naar fruitsoorten die je nergens anders vindt. Daar zitten heerlijke vruchten bij. En vergeet ook het eetbare groen niet. Iedereen kent de daslook wel maar er is bijna het hele jaar wel iets te plukken in de onderbegroeiing. Bij bijvoorbeeld kwekerij Arborealis vind je een enorm assortiment eetbare planten, van goeie kwaliteit.” Dagobert: “Goed om te weten is dat veel voedselbosplanten het ook goed doen in de schaduw. Mijn belangrijkste motto is: delen! Maak je buren enthousiast en zorg samen voor een overvloedige oogst.”

Wil je meer lezen over de voedselbosplannen van Jessica en Dagobert, hun ideeën voor herstellende landbouw of informeren naar mogelijke samenwerking?
Kijk op www.voedselbosglanerbeek.nl voor meer informatie.