Hoe ga je om met verlichting in de tuin?
Als we kijken naar tuinen in het algemeen, zien we dat deze steeds luxer worden. De tuin als verlengde van de woonkamer betekent in veel gevallen dat we deze buitenruimte steeds meer gaan behandelen alsof het een woonkamer is: meer spullen, meer luxe en verlichting ontbreekt daar niet in, mede als gevolg van het aantal slimme systemen dat algemeen verkrijgbaar is. Als verlichting op een goede manier wordt toegepast, kan het een hoop tuinplezier toevoegen.
Ontdek hoe je tuinverlichting bewust toepast met oog voor sfeer, veiligheid en biodiversiteit. Tips over lichtsterkte, kleurtemperatuur en een slim verlichtingsplan.

Wat is de goede manier?

We maken eerst een stapje terug naar materiaal in het algemeen. Denk aan stenen, hout, beelden, overkappingen en dus ook verlichting. Voor alle materialen binnen het tuinontwerp geldt: wees ingetogen. De eerste vraag is: heb ik het nodig en wat mis ik als ik het niet doe? Die vraag geldt ook voor verlichting. Hoe vaak zie je dat verlichting lukraak geplaatst lijkt?

Voor de goede orde: een tuin is een buitenruimte, een levend systeem. Als we uitzoomen, zien we een groter areaal aan tuinen die allemaal anders zijn ingericht en soms wel en soms geen aaneengesloten groen systeem vormen. Jouw tuin, onze tuin, kun je zien als een groene stapsteen in een groter ecologisch geheel.

De natuur als systeem heeft niets aan alle luxe spullen en materialen die wij de tuin inbrengen. Sterker nog: als het gaat om verlichting, is de natuur — en dus flora en fauna — gebaat bij donkerte. Alles wat wij er als mens aan toevoegen, is per definitie storend. Nachtdieren zijn erop gebouwd om het te doen met natuurlijk licht. Kunstlicht helpt insecten niet!

Kunstmatig licht, zo hebben onderzoeken uitgewezen, kost veel levende organismen — waaronder nachtvlinders — het leven. Het pleidooi is dan ook om goed na te denken over verlichting. Wees ingetogen met de hoeveelheid lichtpunten en de lichtsterkte die je kiest. Donkerte is immers ook een kwaliteit!

Donkerte is een kwaliteit

Deze opvatting hanteren we binnen de OntwerpAcademie. Zoals hierboven gesteld, is een tuin een natuurlijk en levend systeem. Flora en fauna doen we per definitie geen plezier met al onze ingrepen, zoals verlichting, kunstgras en andere zaken. Dat is ook precies waar het schuurt.

Met de uitspraak ‘Donkerte is een kwaliteit’ gaat het erom dat je je bewust wordt van de ingreep die je doet en de impact die deze mogelijk heeft op alles wat leeft. Ontwerpen betekent dat je je materialen en ontwerpmiddelen heel bewust inzet. Soms kom je tuinen tegen die zodanig verlicht zijn dat ze associaties oproepen met een landingsbaan.

Less is more

Beperk dus het aantal lichtpunten en denk na over wat je verlicht, hoe je dat doet, met welke lichtsterkte en vooral hoe lang de verlichting brandt. Zet er een tijdschakelaar tussen, zodat je het aantal branduren beperkt. Vraag jezelf af wat je wilt bereiken met een verlichtingspunt.

Accent op de plek en het effect

Een ander belangrijk aspect is dat het niet zozeer om het armatuur gaat, maar om de plek die we willen aanlichten. Vooral in de jaren ’70 werden er armaturen — compleet met bol op een staander — op de markt gebracht, waarbij je precies in de verlichte bol keek en daardoor half verblind de voordeur moest zien te vinden. Een typisch voorbeeld van een verkeerde toepassing van verlichting.

In veel gevallen speelt het armatuur een dienende rol; het gaat om het effect dat je wilt bereiken op een bepaalde plek in de tuin.

Voorbeeld van een ‘onduidelijke verlichting’.

Vanuit het ontwerp bezien

Accenten
Het kan zijn dat je bepaalde plekken in de tuin ’s avonds wilt oplichten: een doorkijk, de lengte of de breedte van de tuin benadrukken, of juist de aandacht wegleiden van een minder aantrekkelijk punt. Het beeld ’s avonds kan desgewenst sterk afwijken van het beeld overdag.

Veiligheid en praktisch
Hoogteverschillen, doorgangen, een element over het water, een schuurdeur enz.: het kunnen stuk voor stuk plekken in de tuin zijn die vragen om verlichting. Met een bewegingsmelder speel je direct in op het gebruik en bespaar je bovendien energie.

Het benadrukken van een hoogteverschil — traptreden in combinatie met een boom — kan een bijzonder tuinelement zijn dat je standaard aanlicht. Hiermee dien je meerdere doelen, want het aanlichten van een plek levert ook een bijdrage aan de veiligheid.

Direct en indirect licht

Bedenk dat licht alleen zichtbaar wordt op het moment dat het ergens tegenaan botst. Er is een oppervlak nodig, of bijvoorbeeld mist, om licht te reflecteren en dus zichtbaar te maken. Dat zie je goed met uplights die een boom aanlichten: bladeren en stam weerkaatsen het licht en veroorzaken een dromerig beeld. Het is een vorm van indirect licht.

Een ander voorbeeld van indirect licht is strijklicht. Dit lage licht ‘strijkt’ over het oppervlak (gevel of verharding), waardoor de textuur leesbaar en ervaarbaar wordt. Ook hier dient het licht meerdere doelen: veiligheid, praktische bruikbaarheid en het benadrukken van de plek.

Direct en functioneel licht

Direct licht is het soort licht dat we in functionele situaties toepassen, denk aan een leeslamp of een spot die onze werkplek verlicht. Vaak is bij dit soort verlichting de lichtsterkte belangrijk.

Onderzoek of je combinaties kunt maken met verschillende soorten licht. Functioneel licht kun je zodanig kiezen dat het ook bijdraagt aan de sfeer.

Lichtsterkte drukken we uit in lumen. Voor functioneel licht hanteren we een richtlijn van 500 à 800 lumen per vierkante meter. Met een lichtsterkte van 300 à 400 lumen per vierkante meter creëer je sfeerlicht.

Kleurtemperatuur

We onderscheiden koel licht en warm licht. De warmte van het licht drukken we uit in Kelvin (K). Hoe hoger het getal, hoe koeler het licht. Flame licht is gelig van kleur en ligt ergens tussen de 1800 en 2200 K, terwijl koel licht tussen de 4500 en 6500 K ligt.

Samenvattend

Wees terughoudend met het aantal lichtpunten en beperk het aantal branduren. Dat is goed voor zowel je energierekening als de biodiversiteit. Pas het licht bewust toe: vraag je af welk effect je wilt bereiken.

Voorkom dat je direct in de lichtbron kijkt; indirect licht levert een bijdrage aan de sfeer. Direct licht gebruiken we vaak voor functionele taken, zoals lezen, veiligheid en entree.

Met behulp van een verlichtingsplan kun je het soort verlichting en het gewenste effect duidelijk benoemen.

Bekijk hier nog een korte video waarin Dolf met INTOLED in gesprek gaat over verlichting.

OA-Connect
Blijf op de hoogte. Stel je vragen of lees mee met anderen.
Bezoeken
Hand holding a smartphone displaying a social media post welcoming users to 'Het Park' for meeting, sharing, and asking.

Wil je op de hoogte blijven?

Wordt dan lid van onze community OA-Connect of houd de andere social media kanalen in de gaten.

Hi! Ik ben OAk, de digitale assistent
van de OntwerpAcademie.

Hoe kan ik je helpen vandaag?