

De stedelijke context waarin we werken moet worden opgevat als een kunstmatig klimaat. Gebouwen veranderen windpatronen en hebben een directe invloed op zon, schaduw en verdamping. Wegen, parkeervoorzieningen, trottoirs en andere infrastructurele werken verstoren de waterinfiltratie en absorberen zonnestralen. Alle verhardingen, dus ook de gevels van gebouwen, daken absorberen warmte wat resulteert in "warmte-eilanden" omdat verhardingen en gevelbekleding werken als ‘warmte batterijen’ die ’s avonds vooral hun warmte afgeven aan de directe omgeving. Vensters en glaspartijen reflecteren licht en daarmee voelbaar ook de warmte. Tussen de gebouwen kunnen er situaties ontstaan die volledig in de schaduw liggen.
Voor beplanting is deze gebouwde omgeving in alle opzichten ingewikkeld dat wil zeggen; het staat ver af van wat ecologisch gewoon is. Neem als voorbeeld bomen. Vanuit de successie geredeneerd komen bomen later in de successie in beeld, nadat kruidachtigen en een vegetatie van struwelen voor zijn gegaan. Deze vegetatie zorgt ervoor dat er een gradient van kruidachtigen naar houtachtigen en bomen ontstaat. Op de bodem heeft zich organisch materiaal kunnen vormen en samen met het blad van de onderbeplanting betekent dit dat er met een eerste regenbui veel water wordt vastgehouden en vertraagd afgegeven door de combinatie van blad, humus, goed bodemstructuur en dito bodemleven.

In de stedelijke context, maar ook in tuinen is die aanloop en/of de tijd er eenvoudig weg niet. Een boom die in de verharding staat heeft te maken met warmte uitstraling naar de onderkant van de bladeren waar de huidmondjes zitten met het risico op verbranding. Er is geen of nauwelijks onderbeplanting, het water wordt niet vastgehouden de omstandigheden voor de boom zijn extreem met hoge temperatuur schommelingen en pieken in de waterhuishouding. Op micro schaal – in de volledig verharde (stads)tuinen hebben we te maken met dezelfde extremen.
Wijken, buurten en andere stedelijke plekken bestaan uit een groot aantal microklimaat plekken. Het is belangrijk om de klimatologische toestand van een specifieke tuin of andere locatie te begrijpen, omdat deze van de ene straat tot de andere tuin kan verschillen. Sterker waar de ene kant van het gebouw volop in de zon staat en doet denken aan een mediterraan klimaat kan de andere kant gehuld zijn in volle schaduw waar een bosbeplanting niet zou misstaan!

Klimaat of liever gezegd de micro klimaatomstandigheden leggen mede de basis voor het inrichtingsplan. Welke planten passen bij deze groeiplaatsomstandigheden? Waar moet je een bank plaatsen om 's middags een zonnestraal op te vangen? Hoe is de koude wind in de winter te blokkeren om toch een verfrissende bries in de zomer mogelijk te maken? Het is belangrijk te zien dat klimaat zowel een mondiale als een lokale kant heeft. Vergroenen waar mogelijk en daarbij rekening houdend met de specifieke standplaatsfactoren. Ontwerpers van buitenruimtes zijn getraind om standplaats factoren integraal mee te nemen in de ruimtelijke plannen die ze ontwikkelen.
Goed ontworpen groen op elk schaalniveau levert een belangrijke bijdrage. Voor tuinen geldt dat de directe context altijd meeweegt in het ontwerpproces. De kleine schaal van de tuin is van ecologisch belang door – als vele tuinen worden vergroend en verbonden – ontstaat er een waardevol ecologisch mozaïek van habitats, schaal, variëteit en porositeit. Het is al vaak gezegd maar duurzaamheid begint bij een goed doordacht tuinontwerp.




Wil je op de hoogte blijven?
Wordt dan lid van onze community OA-Connect of houd de andere social media kanalen in de gaten.