
























Naar aanleiding van de lezing: Ontwerpen met natuur’ met Cor Simon werden er vragen gesteld. Het beantwoorden van die vragen doen we aan de hand van drie blog artikelen.

Verontreinigde grond treffen we op veel plaatsen aan in Nederland. Rotterdam is daar geen uitzondering op. De ene verontreiniging is de andere niet. Een grond kan vervuild zijn met zware metalen, organische stoffen of bijvoorbeeld met puin.
In principe kun je overal een voedselbos aanleggen. Het wordt een ander verhaal als het bedoeld is als productiebos voor menselijke consumptie. In hoeverre groentes, fruit en vruchten vervuild zijn hangt onder andere af van de grondsoort, de zuurgraad en natuurlijk het soort vervuiling.
Vraag je bij (ernstige) vervuiling sowieso af hoe belangrijk het is een eetbare tuin te hebben. Plantenbakken zijn op vervuilde plekken een verstandige optie of je dan nog kunt spreken van een voedselbos is een andere vraag?

Met uitzondering van de waddenzee zijn er in Nederland geen plekken te vinden die niet door de mens op de schop zijn genomen. Het laatste stuk oerbos in de buurt van Beekbergen is zo’n 150 jaar geleden gekapt. De mens controleert, grijpt in en zet de natuur geheel of gedeeltelijk naar zijn hand. Op die manier zijn er ook zogenoemde half-natuurlijk landschappen ontstaan. De Veluwe met de heidevelden is daar een voorbeeld van, het maakte deel uit van een agrarisch systeem. Deze agrarische cultuur landschappen hebben verschillende verschijningsvormen, denk aan de veenpolders met de kenmerkende grazige weilanden en de esdorpen in het oosten van het land
Cultuurlandschap of niet, de onderliggende natuurlijke processen gaan gewoon door, die zijn niet stop te zetten. Denk aan de waterhuishouding of de eigenschappen die een bepaalde grond heeft. Het is die unieke combinatie van bodem, water en ecologie die aan de basis ligt van een bepaalde vegetatie. Successie speelt een cruciale rol binnen de ecologie. Zonder beheer of onderhoud zou er als gevolg van successie op veel plaatsen bosachtige begroeiingen ontstaan.
Wat we als ontwerpers doen of behoren te doen is zoveel mogelijk ‘meebuigen’ met die natuurlijke processen. Anders gezegd; ontwerpers brengen de groeiplaatsomstandigheden in beeld en verknopen dat zo optimaal mogelijk met de context, de architectuur van de woning en het programma van de opdrachtgever.
Parken en tuinen, buitenplaatsen en landgoederen zijn cultuur voorbeelden waar we al ontwerpend gebruik maken van natuurlijke processen. Om dat goed te doen is kennis van bodem, water en ecologie onontbeerlijk.
Resumerend; tuinen en parken kun je zien als cultuur uitingen wat we ook doen we hebben op elke plek te maken met natuurlijke processen. De ontwerper heeft de regie en bepaalt welke aspecten van die natuurlijke processen verweven worden met het ontwerp.
Heb je ideeën of suggesties? Laat het ons weten via studentenzaken@ontwerpacademie.nl of meldt het op OA-Connect.

Dolf Houtman en Hilde Reichgelt, docenten TA en meereizend jurylid ;-) beoordeelde de ingezonde werken en gaven een reactie op de winnende foto’s.

Gefeliciteerd! De drie winnaars ontvangen een schetsboek, een pennenset, een boekenbon en de tweede gids voor natuurinclusief ontwerpen van Maike van Stiphout.
Iedereen die deelgenomen heeft aan deze wedstrijd; heel erg hartelijk bedankt voor jullie inzendingen en wellicht tot ziens op een volgende inspirerende reis! En dan nu de foto’s …

Een mooie impressie van een prachtige tuin; The Newt in Somerset. Een compleet beeld ontstaat met op de voorgrond in het oog springende details van toegepaste materialen en daarnaast een mooi compositorisch beeld van de tuin in zijn groene landschappelijke context. Met een aanschouwende persoon subtiel in beeld gebracht geeft Olga een gevoel van bewondering weer voor dit indrukwekkende landschap. Op haar Instagramaccount benoemt Olga de tegenstelling van old en new in the Newt. Met het plaatsen van diverse mooie beelden van haar OA tuinreis is zij een ware OA-ambassadeur!

Maaike geeft met deze foto inzicht in wat de tuinreis voor haar persoonlijk betekent. Met op de voorgrond het beeld van haar hand met daarin haar schetsblok met aantekeningen belicht ze een onderdeel van de reis waarin veel OA studenten zich herkennen. Niet slechts bewonderen maar ook inventariseren, analyseren en opslaan als een bron van kennis voor de toekomst. De minder scherpe achtergrond staat voor de jury symbool voor het je kunnen onttrekken aan drukte wanneer je dat wil en tegelijk je bewust zijn van de inspirende aanwezigheid van een gezellige groep gelijkgestemden.

Met een foto van een deel van de kleine tuin van Piet Oudolf bij de Gallery van Hauser and Wirth in Somerset brengt Miep diverse contrasterende groene bladstructuren die een dynamisch landschap lijken te vormen mooi in beeld. De architectonische achtergrond van statisch repeterende kolommen versterkt het effect.
Heb je ideeën of suggesties? Laat het ons weten via studentenzaken@ontwerpacademie.nl of meldt het op OA-Connect.

Als je zegt: “Biophilic Design is liefde voor het groen en de natuur dan zeg je, strikt genomen, niets verkeerds want het is de letterlijke vertaling”. Het planten van een boom of het aanbrengen van een groen dak vallen binnen die definitie. Maar ben je er dan vraag ik me af tijdens de presentatie? Of is er een diepere laag?
Hilde gebruikt in haar presentatie diverse begrippen. Bij mij sprongen respect en wederkerigheid eruit omdat ze betrokken zijn op een relatie. Respect en wederkerigheid kun je uitleggen als: omzien naar elkaar, betrokken op elkaar, verantwoording nemen, geven en nemen, balans. Relaties zijn dynamisch en moeten gevoed worden. Er kan binnen een relatie sprake zijn van afstand of van een innige verbondenheid.


Het interessante is dat als we de tuin nemen als metafoor we veel kunnen zien hoe de gebruiker zich verhoudt tot de tuin. Of het nu gaat over gestyleerde tuinkamers met trendy materialen, de compleet betegelde tuin met eenzame plantenbak of de ecologische tuin waar het bruist van het leven. Het gaat niet over goed of fout. De tuin stelt ons slechts een vraag, huis en tuin zijn immers op elkaar betrokken en wij – gebruikers – maken daar deel van uit. Sterker wij maken aan de manier waarop wij ons bewegen, wat we wel of niet doen in de tuin duidelijk hoe onze relatie met de tuin en dus met de natuur is.
En daar zit naar mijn idee de diepere betekenis van Biophilic Design dat het ons in beweging zet, ons aanzet tot kijken, weerspiegelt, vragen stel over die wederkerigheid. In de hoop dat we ons bewegen van afstandelijke toeschouwer naar een actieve en liefdevolle gebruiker, dat is wat mij betreft de boodschap van deze lezing. Biophilic Design kan ons inspireren en helpen groene stappen te zetten of Biophilic Design is aan de andere kant het resultaat van onze houding waar: ontzag, bewondering en fascinatie voor tuin, natuur, leven en ecologie aan de basis liggen.

Hilde: Veel ontwerpers denken dat ze al biofiel bezig zijn maar dat is niet zo. Hoewel van tuinonwerpers verwacht mag worden dat zij tijdens het ontwerpproces de relatie huis en tuin als uitgangspunt nemen is dat allesbehalve vanzelfsprekend, laat staan te zien, in de dagelijkse ontwerppraktijk.
In het nadenken over de betrokkenheid van huis en tuin en omgekeerd ligt de uitdaging. Met de juiste mindset is dit overgangsgebied een interessante ontwerpopgave waar beide werelden beter van worden maar dan moet je je er wel bewust van zijn.
Veel ontwerpplezier!


Op elke locatie kregen ze interessante inzichten over de geschiedenis, het gebruik van materialen, de beplanting en de technische aspecten. Ook thema’s als ecologie, innovatie, biodiversiteit en klimaatadaptatie kwamen uitgebreid aan bod.
Inspirerende dagen vol groene ontdekkingen en nieuwe kennis. Had je hier graag bij willen zijn? Volgend jaar organiseert de OntwerpAcademie weer een nieuwe excursie Groene Parels door Rotterdam. Meld je aan via de website.



